Rijksvastgoed “krijgt geen prijskaartje”

jaap-uijlenbroek-van-het-rijksvastgoedbedrijfHet Rijksvastgoedbedrijf gooit het roer om bij de verkoop van ruim 330 rijkspanden. Topman Jaap Uijlenbroek van het Rijksvastgoedbedrijf presenteert op de vastgoedbeurs Provada de nieuwe Afstootstrategie. In een artikel in het blad ‘De Architect’ van 12 mei 2015 wordt er verslag van gedaan.

 

Hieronder staat een selectie uit twee artikelen. De tekst en foto is van Ingrid Koenen.

De nieuwe koers
De drempels voor de markt worden een stuk lager en eigen initiatief krijgt een streepje voor, zo belooft de directeur-generaal. Ook zet Uilenbroek de koers met vier nieuwe speerpunten alvast uiteen: het Rijksvastgoedbedrijf zet de deur open voor

  • veilen per opbod,
  • preselectie bij inschrijvingen,
  • meer mogelijkheden voor biedingen onder voorwaarden en
  • extra ruimte voor marktinitiatieven.

Vorig jaar brachten 160 objecten – waarvan 27 gebouwen – 125 miljoen euro in het laatje, maar het mag van Uijlenbroek nog een stapje sneller en vooral makkelijker. “We gooien echt niet alles tegelijk op de markt, maar tot 2020 gaan we nog veel objecten verkopen die bijna allemaal een nieuwe bestemming moeten krijgen.”

Opbod 
De nieuwe strategie is tot stand gekomen met inbreng van marktpartijen en staat op de Provada open voor op- en aanvullingen. Kort daarna wordt die definitief vastgesteld. Nieuw is dat gewild vastgoed in het vervolg in een veilingconcept per opbod kan worden verkocht, zodat overbieden mogelijk wordt.

Preselectie 
“Marktpartijen hikken vaak aan tegen hoge kosten die ze moeten maken om een plan te ontwikkelen, zonder zeker te weten of ze een pand ook kunnen kopen. Om de kansen te vergroten, komt er in sommige gevallen een systeem met preselectie van geschikte partijen”, legt Uijlenbroek uit. Ervaring en een gezonde financiële basis zullen enkele van de voorwaarden zijn om te mogen meedingen bij complexe transformaties.

Marktinitiatief 
Opvallend is tot slot de stap om meer ruimte te geven aan marktinitiatief: wie een goed idee heeft voor de transformatie van een leeg ministerie of overtollige kazerne, mag in het vervolg rechtstreeks een plan indienen en een bod uitbrengen.

“Rijksvastgoed krijgt geen prijskaartje”
De kluspaleizen, kazernes en koepelgevangenissen zijn stuk voor stuk unieke panden waar je niet zomaar een prijskaartje aan hangt. Het Rijksvastgoedbedrijf taxeert elk object, maar weigert verkoop bij te lage biedingen zoals bij het pand aan het Willem Witsenplein in Den Haag.

Geen 1-op-1-verkopen
De roep om de inschrijfkosten te beperken door een-op-een verkopen vindt geen gehoor, want het uitgangspunt is een transparant en open proces na te leven. Wel is de dienst bereid om te kijken naar een redelijke vergoeding als er hoge inschrijfkosten moeten worden gemaakt. De belangstelling zal snel dalen als het gaat om minder courante panden, beseft ook Uijlenbroek. Een vergoeding of tegemoetkoming – na voorselectie – kan partijen dan misschien over de streep trekken.

‘Mandjes’ met gelijksoortige objecten 
De nieuwe afstootstrategie speelt voorzichtig in op de aanbevelingen uit die twee rapporten, maar vooralsnog alleen in nader te onderzoeken trajecten. Daarbij belooft het Rijksvastgoedbedrijf te studeren op een afwegingskader (economisch meest voordelige inschrijving) waarbij ook zaken als extra werkgelegenheid worden gehonoreerd. Een andere mogelijkheid die wordt afgetast is om ‘mandjes’ te maken met gelijksoortige objecten.

Het volledige artikel is als te lezen in De Architect onder de link en het tweede artikel onder deze link.

Stadsdorp Wolvenburg: het RVB is erg met economie bezig en in gesprek met grote partijen. Houdt ze daarbij ook oog voor de menselijke maat, kleinschalige initiatieven en de buurt? We zullen het zien. Ze toont als buurman eigenaar in ieder geval weinig toenadering tot de buurt.

Reageren is niet mogelijk