Voor het afstoten van vastgoed heeft het Rijk beleid

Gevangenis Wolvenplein behoort tot de verzameling van door het Rijk af te stoten vastgoed. Het Rijk heeft op dat gebied een grote opgave. Vier verschillende overheidsafdelingen voor vastgoed zijn in 2014 ondergebracht in het Rijksvastgoedbedrijf (RVB). Op 6 december 2013 heeft de Ministerraad de Rijksvastgoedportefeuillestrategie 2014 vastgesteld. 

rli advies vrijkomend rijks - vastgoed

Het stuk is vertrouwelijk, wij kennen het niet. Wel is er het volgende over gezegd. Ze is opgesteld om sturing vanuit het beleid op het handelen met rijksvastgoed te versterken. In de RVPS is daartoe nadrukkelijk een dubbele doelstelling als leidraad gekozen: het behalen van zowel een hoger maatschappelijk als financieel rendement. We zullen het moeten doen met wat anderen over dit belangrijke beleidsstuk zeggen. Eén daarvan is het in december 2015 uitgekomen advies van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli). Zij adviseert het kabinet zorgvuldig te handelen bij het afstoten van Rijksgebouwen. Het Rijk zou daartoe de maatschappelijke doelstellingen bij deze afstootoperatie zwaar moeten laten wegen, en gemeenten en provincies bij de besluitvorming daarover te betrekken.

Waarom is dit nu zo in het nieuws?

Van de rijksoverheid komt 2,5 miljoen vierkante meter vloeroppervlak leeg te staan in rijksgebouwen, zoals kazernes en gevangenissen. Ook aan rijkskantoren komt 1 miljoen vierkante meter vrij, waarvan 0,3 miljoen vierkante meter eigendom is. In sommige gemeenten heeft dit enorme impact, zoals Den Haag. Ook in Utrecht is al veel rijksvastgoed vrij gekomen (kazerne Den Oudsten, Knoopkazerne, belastingkantoor Gerbrandystraat en recent het Pieter Baan centrum).

Wat vindt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (de Raad)

De Raad vindt het van groot belang dat het Rijk een afstootstrategie kiest waarin maatschappelijke doelstellingen goed worden afgewogen tegen de haalbare financiële opbrengst en doet daarvoor een aantal voorstellen. De Raad kent de overheid beter dan ons. Als zij het vastgoedbeleid onder de loep legt, heeft ze waarschijnlijk voorbeelden en practices voor ogen die ze niet goedkeurt. Vervolgens ga je daar op positieve wijze een advies over formuleren. Bij elk advies zit dus een kritische verborgen boodschap: jullie deden het nog niet goed.

Haar adviezen zijn:

  • De raad vindt dat voor vrijkomend vastgoed de opbrengstverwachting op 60% van de marktwaarde gesteld moet worden, niet hoger.
  • De Raad vindt het ongepast als het Rijk een gemeente onder druk zet om een bestemmingswijziging door te voeren, alleen omdat dit het Rijk financiële baten oplevert.
  • De raad wil wel dat de gemeente beter worden betrokken bij de besluitvorming over leegkomend rijksvastgoed. De raad doet voorstellen hoe dit bereikt kan worden. De lokale overheid is beter dan het Rijk op de hoogte van de lokale markt en kent de lokale behoeften en wensen. De Rli beveelt de minister aan om al in een vroeg stadium samen met gemeenten op zoek te gaan naar een passende toekomst voor leegkomende rijksgebouwen en om per provincie totaalplannen te maken voor het vrijkomend rijksvastgoed.
  • Het kabinet heeft in de RVPS 2014 vastgelegd belang te hechten aan het sturen op maatschappelijke doelen (“maatschappelijk rendement”). Deze ambitie wordt volgens de raad in de RVPS nog onvoldoende uitgewerkt.
  • De Raad vindt dat van de mede-overheden een actieve opstelling mag worden verwacht. Het is belangrijk dat de gemeente een strategische visie op het eigen vastgoed ontwikkeld in samenhang met de regio.
  • De Raad adviseert eerst te overleggen met de gemeente over nieuwe bestemmingen van af te stoten vastgoed. Het verdient aanbeveling om marktconsultaties zo in te richten dat het dienen van maatschappelijke doelen actief wordt bevorderd. De verkoopstrategie moet zo opgesteld worden dat zij dar bij aansluit.
  • De Raad adviseert om de verkoopwaarde te laten afhangen van de te realiseren bestemming.

Als voorbeeld hoe haar advies kan uitwerken voor gevangenis Wolvenplein: een nieuwe bestemming wordt zeer waarschijnlijk hoogwaardiger. In dat geval ontvangt het Rijk een hogere opbrengst en kan volgens de gangbare praktijk de gemeente voorwaarden stellen aan de bestemmingswijziging. In de situatie van Wolvenplein noemen we dan bijvoorbeeld eisen als de ontsluiting met een eventuele brug, de publieke toegang van groen en het voorplein, het realiseren van een parkeervoorziening (ook de fietsen), het terugbrengen van de vorm van het bolwerk en zo zijn er nog meer te bedenken.

Het advies van de Raad is als PDF te downloaden.

Reacties zijn gesloten.